Piscine Molitor

piscine Molitor

Na de bezigheid waarin Parijs net voor de zomer verzeild was geraakt, viel het na een  teleurstellend voetbalresultaat (nooit gedacht dat ik dit woord op dit blog zou uittikken) in een verstilde zomer. En omdat er in Parijs niks gebeurt in de zomer, moet men zelf maar wat gaan doen.

Uit naam van de verslaggeving werd ik uitgenodigd voor een aperitief op het dakterras van het Piscine Molitor. Voor de non-intimi: Piscine Molitor is een zwembad waar men naar zegge honderd euro neerlegt (HONDERD EURO beste mensen!!) om een dag met de bips in het water te hangen. Of dit bedrag klopt weet ik niet. Als ik de website van het Molitor consulteer prijkt er in een hoekje een cryptisch prijslijstje waar alle bedragen nog veel hoger liggen, maar waar het moeilijk te definiëren is waar deze precies voor staan. Begrijpelijk dat ze dit soort zaken vaag houden, hun clientèle zal meest waarschijnlijk niet zo moeilijk doen over details.

Gelukkig is er bij Molitor naast een zwembad dus ook een hotel met dakterras dat uitzicht geeft op dit wonderlijk dure zwembad. En voor dit dakterras is er geen entree. Men betaalt enkel de prijs van een goedkope maaltijd voor een cocktail en dat is toch al veel minder dan honderd euro.

Aan het uitstapje was een kleine vestimentaire voorbereiding voorafgegaan. Met de zon strak op de hemel bedacht ik dat het tijd was voor mijn enorme zomerrok in wit en fluo-geel, gecombineerd met een erg klein topje in zwart en wit. Een overblijfsel van een geïnspireerd moment toen ik ooit een paar dates had met een interieurontwerper die heel “design” was en de appartementen van de rijken decoreerde, en die ik sindsdien lichtelijk hysterisch vond (de outfit dan, niet de intereurontwerper, die viel best mee). Met een paar gouden oorbellen met doorschijnende stenen voelde ik me in elk geval in orde voor een entree in het piscine (laten we het woord ‘zwembad’ niet in de mond nemen).

Het piscine had een receptie met moderne kunst en veel kleur, en een lift die ons naar de bovenste etage bracht. Zoemzoemzoem.

Op het dak: gekleurde stoeltjes met logo van een champagnemerk, hitte, een briesje door boomtoppen, ergens in de verte de Eiffeltoren, en natuurlijk het zwembad met mensen, helaas op deze afstand gereduceerd tot zongebruinde poppetjes. Veel obers.

Van de ober die ons serveerde zouden we bijna geloven dat hij enkel op zijn vriendelijkheid was geselecteerd – zeldzaam in Parijs – of ook misschien ook zijn humor want toen we hem een karaf met water vroegen zei hij dat het authentiek water uit de piscine was. Dat vonden we leuk.

Aan de cocktail merkten we op dat hij teleurstellend groot was, geserveerd in een knoeperd van een glas van het merk Havana-rum dat bepaald niet design was, terwijl we natuurlijk hoopten op een vloeiend miniatuurkunstwerkje. In elk geval besloten we van het moment te genieten en dat lukte behoorlijk goed, ook al begon het onder mijn rok een beetje te zweten.

Na afloop profiteerde ik van de zeldzame gelegenheid in Parijs een schone en koele wc te bezoeken, voorzien van handzeep en body lotion van het merk Clarins.

Ik voelde mij in mijn nopjes met de lekkerruikende lotion totdat plots word aangesproken door een blonde Amerikaanse in een hemelsblauwe jurk met wolken: ‘NICE SKIRT!!’

Ze vraagt waar ik die heb gekocht en ik noem een betaalbare online winkel. Kent ze niet. Ze vindt dat het topje er heel goed bij gaat. Ze vraagt of ik designer ben. Ik zeg nee. Zij is interieurdesigner, decoreert de appartementen van “mensen” en is bovendien member. Ik zeg ‘lucky you!’ en vind dat nou weer typisch.

Alsof dat nog niet genoeg is staat er vlak voor de uitgang een absoluut vriendelijke conciërge die vraagt of hij een taxi voor ons zal bellen. Ooit vierde de conciërge in het Molitor zijn achttiende verjaardag. In 1968 om precies te zijn, het jaar van de studentenopstanden en radicaallinkse gedachten, maar zo niet aan het westen van de rive droite, zo blijkt. Voorheen werkte meneer in het Ritz, vertelt hij ons, maar toen dat sloot werd hij gevraagd om hier te komen te werken. En zo geschiedde. Zijn zoon doet animaties voor digitale films en boert goed.

We vragen voor de zekerheid maar even zijn kaartje.

Daarna lopen we vol gegiechel de metro in, die aangenaam koel is en ook een beetje vertrouwd stinkt, en alwaar een dakloze in een monoloog om hulp roept. Heel even willen we verder praten alsof we hem niet hebben gehoord – we hebben immers zo veel indrukken! – maar dat lukt niet lang want hij praat hard, en bovendien loopt hij direct voor onze neus om une pièce te vragen.

‘Dat is Parijs’ zeg ik dan maar.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s