Politiek, saaie polémique!

Politiek-Frankrijk

In 2012 belande ik in Parijs, om precies te zijn op het moment dat mijnheer Hollande de verkiezingen had gewonnen: precies 4 jaar geleden dus. Via via was ik op de dag des oordeel uitgenodigd bij een grondig overtuigde socialiste die bij bekendmaking van de uitslag uit haar dak ging, ons champagne inschonk, en vervolgens gehaast met vlag naar de Place de la Bastille afstormde om daar haar vaderlandsliefde te uiten. Eenmaal daar aangekomen vond daar een uitzinnig spektakel plaats: men wist van vreugde niet waar men het van moest hebben en klom daarom maar in lantarenpalen en op standbeelden, al toeterend, juichend enzovoorts.

Toch wat anders dan een overwinninkje Balkenende of Rutte in het Koninkrijk der Nederlanden.

‘In dit land lééft de politiek dus echt’, dacht ik toen.

Mocht dat toentertijd nogal een open deur van een conclusie lijken, anno 2016 breng ik deze politieke beschouwing zowaar in twijfel. Want, wat neem ik allereerst bij mijzelve waar? Als een doorgaans toch relatief maatschappelijk betrokken persoon volg ik de Franse politiek simpelweg niet.

Toch niet zo best, want er valt over Frankrijk anno 2016 best wat te zeggen. Maar grote demonstraties ten spijt is de politiek hier gek genoeg nogal statisch en saai. Hoe krijgen die Fransen, toch niet de minste debaters, dat voor elkaar? Ik probeer hier een verklaring te vinden.

Links sera toujours links, rechts sera toujours rechts

In Frankrijk bestaan er twee werelden: links en rechts. De Fransman wordt links of rechts geboren en blijft over het algemeen zijn hele leven aan diezelfde kant. Schuiven binnen de nuances van links of rechts, dat zal nog wel gaan. Maar overstappen naar de dark side staat hier gelijk aan geloofwaardigheidszelfmoord. Het politieke stelsel bestaat immers uit twee mastodontpartijen, dus een nieuwe beweging oprichten ter belange van de liberale medemens, of die van huisdieren is nogal lastig. (Tenzij men Le Pen als achternaam heeft, wellicht, maar dat is weer een ander onderwerp.) Ook lezen links en rechts uiteraard een andere pers. Het is alsof beide kanten in andere realiteiten wonen, zonder te beseffen dat ze gemeenschappelijk grond delen.

Daardoor blijft het debat altijd hetzelfde: per definitie blijven beide werelden het voor de eeuwigheid oneens. Ooit een Fransman ontmoet die niet op zijn principes staat? Omdat debatten met voorspelbare afloop toch niet intens interessant zijn, gaat men opeens de gekke Nederlandse coalities weer waarderen.

Er zijn maar 2 mogelijkheden voor reuring: Persoonlijke Schandalen en Dreigende Verandering

De onderwerpen die wél tot oproer leiden staan bij voorbaat ook al vast. De eerste mogelijkheid is dat iemand uit de politieke elite iets schandaligs doet en dat iedereen zich daarover verontwaardigt. Soms is de verontwaardiging grensoverschrijdend – u kent natuurlijk de uitspattingen van DSK, Hollande met zijn girlfriends en de soap rondom Sarkozy… over wie bestaat er eigenlijk géén schandaal? Er zijn er nog veel meer die te saai zijn voor de buitenwereld en waarvan het mij een raadsel blijft waarom a) het publiek er nog aandacht aan geeft b) waarom de journalisten er nog steeds over schrijven en c) waarom de politici ondanks al die achterklap zich nog steeds niet weten te gedragen.

Een andere mogelijkheid is de invoering van een bepaalde Wet die iets verandert aan de Fransman. En dat wil de Fransman natuurlijk niet, want die heeft het van oudsher goed, of in ieder geval beter dan dat wat het zou kunnen worden. En als daar iets aan dreigt te veranderen gaat ie de straat op. Tegen de versoepeling van het arbeidsrecht, bijvoorbeeld. Dacht u dat ik iets nieuws over dit onderwerp ging vertellen?

Patstelling van politieke correctheid VS. extreemrechtse opvattingen

En nu denkt u misschien, wat van die aanslagen, al die migratietoestanden waar men het zo’n beetje overal in de wereld elke dag over heeft? Dat moet toch tot een heen weer van discussies en machtsverschuivingen leiden?

Natuurlijk niet!

Laatst bekeek ik een Nederlandse documentaire over Parijs, waarbij de VARA zich om een of andere reden had laten strikken door het propagandateam van Bertrand Delanoë, voormalig burgemeester van Parijs. Bertrand liet zien hoe goed hij wel niet lag bij de arabier om de hoek, de Turkse marktverkoper en de Afrikaanse kapper bij Château Rouge. In Château Rouge liep hij per ongeluk ook een ouderwetse Française tegen het lijf, die flink ontevreden was met het beleid van Delanoë, want de wijk waar ze sinds dertig jaar woonde was onherkenbaar voor haar geworden. Wat dacht Bertrand daaraan te doen? Helemaal niets, Bertrand deed of ie de vraag niet had gehoord. En hop, daar ging weer een stem naar Marine.

Want iets negatiefs zeggen over “Nieuwe Fransen”, dat durft men niet zo goed. Waar in Nederland de taal van de centrale partijen (for better or for worse) explicieter is geworden, daar blijft men hier nog netjes en politiek correct. Met het risico doof te zijn voor een grote groep ontevredenen.

En toch heeft Frankrijk soms onverwachte ideeën, die voortkomen uit een schattig ideaal en waarvan de uitwerking discutabel is: zoals een 35-urige werkweek, een verplicht percentage aan Franse chansons op de radio, het verbod van ketchup in schoolkantines, het beroemde verbod van hoofddoekjes in openbare functies, of een verbod voor supermarkten om eten weg te gooien. Vele zijn discutabel, maar soms zit er iets leuks bij. En dan kun je je toch weer over de Fransen verwonderen.

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s